• Afdrukken

HEUPDYSPLASIE

 

Introductie

Congenitale Heup Dysplasie (CHD) of Dysplastische Heup Ontwikkeling (DHO) is een vaak voorkomende aangeboren afwijking van het heupgewricht.
Dysplasie is een woord dat afgeleid is van het Griekse "dys" hetgeen mis of verkeerd betekent en "plasie"dat vormen betekent, dus misvorming. In feite is het acetabulum (heupkom of pandak) onvoldoende ontwikkeld. De kom is te plat en te steil, waardoor de heupkop onvoldoende wordt vastgehouden in de heupkom. Wanneer de onderontwikkeling van de kom ernstiger is kan de heupkop zich geheel of gedeeltelijk buiten de heupkom bevinden.
De mate van ontwikkeling van de heupkom is op een Röntgen te meten aan de hand van de CE hoek (Centre Edge) volgens Wiberg. Deze hoek drukt de mate van overdekking van de kop uit door de kom en is bij volwassenen normaal tussen de 30 - 40 graden.

De oorzaak van heupdysplasie is onduidelijk. Wel is bekend dat de afwijking niet overal in gelijke mate voorkomt. In Afrika en China is heupdysplasie bijvoorbeeld heel zeldzaam. Heupdysplasie treedt in Europa op bij 2 tot 4% van de geboortes. Er kunnen echter grote regionale verschillen optreden, zodat in bepaalde gebieden in Europa het vrij veel voorkomt.
Heupdysplasie komt meer voor bij meisjes dan bij jongens. Het betreft vaker de linkerheup dan de rechterheup. Daarnaast lijken erfelijke invloeden aanwezig. Bij baby's van wie één van de ouders, broertjes of zusjes heupdysplasie heeft, is de kans dat de afwijking ontstaat veel groter. Ook de ligging van de baby in de baarmoeder lijkt van invloed te zijn, want bij stuitligging komt de dysplasie iets vaker voor. In hoeverre na de bevalling de afwijking door bepaalde houdingen kan verergeren is niet helemaal duidelijk.
Heupdysplasie en heupluxatie zijn afwijkingen die in feite in elkaars verlengde liggen, want des te afwijkender de kom des te groter de kans dat de heupkop zal luxeren.

 

Symptomen

Bij heupdysplasie is het kraakbeen oppervlakte van de kom kleiner terwijl het evenveel krachten te verduren krijgt als bij een normale heup. Dit geeft overbelasting en uiteindelijk een grotere kans op slijtage van het heupgewricht.
Klachten kunnen zijn : pijn in de lies en of bil, spierpijn in het bovenbeen, uitstralende pijn naar de knie, startpijn (kortdurende pijn die ontstaat bij het beginnen van een beweging), het lopen gaat moeilijker, mank lopen.(om de pijn te compenseren), stijvere heup en doorzwikken (het gevoel hebben dat de heup instabiel is).

Behandeling

De behandeling is er op gericht klachten te verminderen en de kans op slijtage te voorkomen.

Behandeling bij kinderen

Bij kinderen wordt tijdens de groei geprobeerd de ontwikkeling van de heup te stimuleren en zijn er twee behandelrichtingen te onderscheiden namelijk die bij de dysplastische heup en die bij een geluxeerde heup.
In het geval van een geluxeerde heu is het zaak deze zo snel mogelijk weer in de kom te krijgen. In de eerste drie levensmaanden herstelt een instabiele of luxabele heup zich echter in 90% van de gevallen spontaan en hoeft er niets gedaan te worden. In deze periode is de heupkop ook erg kwetsbaar en kan er schade optreden bij pogingen de heup te reponeren. Een geluxeerde heup kan meestal met een Pavlik spreider in de kom gekregen worden en als dit onvoldoende lukt na een tractie behandeling, gesloten repositie (onder narcose op de operatiekamer) en een gipsbroek. 

PAVLIK

BANDAGE

Wanneer de heup weer in de kom is zal verdere behandeling nodig zijn met een spreidbroek net zo lang tot de heupkom weer normaal is ontwikkeld.
Bij dysplasie wordt met een spreidbroek de heup ontwikkeling net zo lang gestimuleerd tot deze weer normaal is. Het gebruik van starre spreiders mag pas worden gestart op de leeftijd van vier à vijf maanden, om doorbloedingsstoornissen van de heupkop te voorkomen, hetgeen zelfs zou kunnen leiden tot het afsterven van de heupkop.
Behandeling met spreiders moet de ontwikkeling van het lopen natuurlijk niet vertragen dus er is wel een maximum periode waarin behandeld kan worden.
Tussen de leeftijd van twee en vier jaar is meestal niet zoveel ontwikkeling of achteruitgang meer van de dysplasie en e conservatieve behandeling wordt in deze periode meestal omgezet in supervised neglect.
Wanneer de ontwikkeling van de kom ernstig achterblijft kan na 4 jaar besloten worden tot operatieve correcties van de kom.
Als de heupkom onvoldoende ontwikkeld ondanks conservatieve behandeling zal dat later noodzakelijk tot veel zwaardere correctieve ingrepen leiden en/of tot deformatie van de heup, inclusief de pijn die daarbij kan optreden. Al één jaar na de geboorte zonder behandeling van de dysplasie zal een volledig herstel moeilijk worden.

Indien de aandoening niet of onvoldoende wordt behandeld, kan op latere leeftijd vroegtijdige slijtage van de heup (artrose) optreden.

Behandeling bij volwassenen

Bij volwassenen kan de pijn door heupdysplasie conservatief behandeld worden door pijnstillers en sportbeperkingen te adviseren. Wanneer dit onvoldoende effect heeft is er een scala aan operatieve correcties van de heupkom en heupkop mogelijk. 

ITO

Een Intertrochantaire Osteotomie verandert de krachten richting op het kraakbeen van de kom en kan uitgevoerd worden bij een steile heup (coxa valga). Hierbij ontstaan er extra schuifkrachten op de kom. Door de heupkop van stand te veranderen (variseren) vermindert dit effect.

PANDAK

Bij deze ingreep wordt er een soort dakje aan de heupkom geplaatst waardoor de kom word vergroot en een betere overdekking van de heupkop ontstaat. Er wordt een stukje bot van de bekkenkam met schroeven aan de zijkant van de heupkom vastgemaakt.

CHIARI

Het bekken wordt bij de Chiari osteotomie boven de heupkop doorgezaagd. Het onderste deel van het bekken wordt naar binnen verschoven. Het zaagvlak wordt daardoor als het ware een nieuwe overdekking van de heupkop.

TRIPLE OSTEOTOMIE

Om de heupkop betere te overdekken door de kom kan de heupkom in een betere stand over de heupkop gedraaid worden. Hiervoor is het nodig het bekken op drie plaatsen door te zagen, vandaar de naam Triple osteotomie. Door het draaien van de heupkom ontstaat een opening waar een wigvormig stuk bot uit de bekkenkam wordt geplaatst en met schroeven vastgezet.

GANZ

De Ganz osteotomie is een alternatief voor de Triple osteotomie. Bij de Triple osteotomie verdraait het gehele blok van bot rond de kom en bij de Ganz operatie gebeurt dit direct rond de kom. De heupkom wordt losgemaakt vanuit de binnenzijde van het bekken, in de goede stand gebracht en opnieuw vastgezet in het bekken. Het bot wordt ook niet helemaal losgemaakt en de rest van het bekken blijft intact. Tijdens de operatie worden er twee schroeven in het bekken geplaatst, om de stand van de heupkom te handhaven.

THP

Bij slijtage heeft het geen zin meer om de stand van de kom te verbeteren en kan er gekozen worden voor de vervanging van het heupgewricht door een totale heup prothese.